170729 Montreal2Kitchener

Gisterenavond rijdt er een eindeloze goederentrein langs en daarna nog eentje de andere kant op. De nacht is zo meteen bijna om.

Mar vindt het passend deze dag haar mooie indianenbloes te showen, goed plan. 

Bijtijds gaan we rijden want het is een pokken end naar Toronto en verder. Eerste stop is voor koffie met wat er bij. De oudere dame moppert dat we niet moeten bestellen aan de counter (dan wil je nl takeaway) als we toch gaan zitten. Dan wordt je nl. bediend! Wifi is er feitelijk niet.

Verder onderweg stoppen we om te tanken en te wifien. Beide leiden tot grote ergernis want we lopen er enerzijds tegenaan dat we (hier) eerst moeten betalen en dan pas kunnen tanken. Oftewel je betaalt altijd te veel en krijgt dan je restcenten, schatting gemiddeld zeker 10%?, over een paar dagen retour op dezelfde creditcard rekening, wrschnl. Oftewel ze hebben dan permanent 10% van de omzet van hun clienten als afnemerscrediet. Oftewel daar niet tanken danwel altijd minder dan vol gooien. 

Anderzijds beloven ze je gratis wifi die dan overloopt van contentie, oftewel je hebt er niets aan terwijl je juist daarvoor komt. Oftewel je besteedt waar je niet besteden wilt. Oftewel voortaan eerst whappen met foto en dan pas happen.

Onderweg toont een goederentrein zijn volle lengte, absurd zo lang!

In Toronto komen we ene collision (aanrijding, opstopping)  na de ander tegen en één zelfs life vlak voor ons…; het is een drukke en met  veeeeeel verkeer enorm uitgestrekte stad. Blij dat we Eva (tomtom) bij ons hebben; langs de weg barst het van de borden wat er bij de volgende afslag te zien is. Boven hangen borden die de straatnamen en afslagen aangeven. Nergens staat op welke weg je rijdt ongeacht splitsingen die tegelijk afslagen zijn…..

We rijden dan al enige tijd op korte afstand langs de Ca/USA grens, eerst nog langs de Lawrence River en dan naar de 5 Great Lakes bij Toronto, en passeren first nation gebieden met namen als Iriquois, Alonquin en Mohawk. Spijtig genoeg weten en komen we geen historic heritage verwijzingen tegen, dus steken we daar weinig van op. Het landschap wisselt van heel grote landbouw arealen tot  moeras, van gemengd tot dennen/berken bos en van vlakke lappen tot langzaam hoog stijgend en weer dalende meestal prima wegen die lekker opschieten.

Als we het zat zijn vinden we een mooi plekje maar dat sluit tot maandag, pech. Verder is het een ‘wassenaar’ voor rijkelui die niet in Toronto willen wonen met overal verbodsborden. We rijden dus door naar hier vlak bij Pusslinch, waar een uitstekende wifi leverende A&W (die eerlijke scharrel vlees/ei gerechten zonder hormonen etc. aanbieden) een lekker rootbiertje van rietsuiker leveren, terwijl wij zo goed als zonder drank zitten. Dat laatste heeft te maken met de grensovergang naar de USA waar we veel spul niet overheen mogen brengen, zoals vlees etc.etc.etc.  Wij staan vannacht aan de achterkant aan een grasveld naast een vrachtwagenbedrijf, met prima wifi tot 22u.

Wat viel ons op vandaag: eerst dokken, dan tanken. Eerst zitten, dan bediend worden en dan pas bestellen en later pas betalen bij het weggaan. 

Beestjes en planten? Een wouwachtige roofpiet (donkere ondervleugelvoorrand, transparante achterrand, driehoekige staart met rechte achterrand, zweeft rondjes draaiend).  Vliegenvangertje oid die meermalen een moederkraai met 2 jongen doet wegvluchten met de staart tussen … oh nee. Onderweg een ‘epauletmerel’ (redwinged blackbird). Mar ziet overal Fluweelbomen.

170728 Montreal Old City

Rustig aan, en zelfs in het eindstation opgeluisterd met Song Anonymous/Romance,  gaan we na de spits met de oranje metrolijn van Namur naar Victoria in de old town. Uiteraard heet dat Square Vicoria waarvandaan we naar de Place d’Armes lopen. Hier staat canada’s eerste wolkenkrabber van 8 etages uit 1888 met lift tot de 8e verdieping. 

De gebouwen onderweg zijn modern met soms iets wat ouder lijkt en waarop bijv. 1888 staat

 of waar de weg ongeasfalteerd is maar uit kasseien bestaat. Het wordt pas authentiek bij de Notre Dame basiliek op de Place d’Armes,

 met het er naast gelegen nog oudere semenarie uit 1684, tevens oudste gebouw in Montreal.

 Niet echt passend staan en rijden hier een 10tal koetsen met goed onderhouden knollen er voor. 

Via gebouwtjes die niet echt imponeren en Place de Y’ouville, vanouds een ontmoetingsplaats voor first nation-ers,  komen we bij de oude haven waar niets oud aan is. Er langs loopt een echte flaneerboulevard met restaurantjes en vertier, zoals fiets-zelf-riksja’s voor 2, 4 of 2+2 (peuters voor op) personen en secways. Aan de overzijde staan de beroemde blokkendooshuizen.

  We zoeken ons lam naar de historische plek uit 1642 waar de 60 stichters uit Frankrijk Montreal op de kaart zetten onder de naam; er blijkt een museum bovenop gebouwd te zijn.  Iets verder is een klimpark met tokkelbaan er bij en een superrad die niets deed. 

Een prima restaurantje vermaakt ons met prima muziek, koffie en een hapje tartaar of pittig draadjesvlees.

We lopen verder naar de Place Jaques Cartier, wiens huis ooit een stukje verderop staat

 en die iets betekende voor de verdere opbouw van Montreal; onduidelijk is wat…. De Place JC is heerlijk gezellig met 2 ditto zijstraatjes met straatmuzikanten en -tekenaars, 

shops en restaurantjes en loopt door naar de City Hall en Place Champ de Mars. 

Een aantal native-art-shops boeien ons mateloos 

maar hebben geen medicin-wheels die wij naarstig zoeken; sterker nog ze hebben geen flauw benul van bestaan, uiterlijk of beoogde werking er van.

Via een omloopje langs het Historisch museum (1640 e.v) met gekostumeerd personeel 

en tuin, Marchè Bon Secours met een galerij boetiekjes

, Notre Dame de Bon Secours chapel (let op de scheepjes! Symboliek?).

en eerder genoemde en getoonde woning, gaan we met een omweg wegens werkzaamheden naar de metro Champ de Mars voor de oranje lijn terug. 

Bij de wagen halen we voor $5 en $10 borg 18,9L water, en babbelen we in ons kot genoeglijk met de jonge securitymijnheer die telkens naast ons parkeert aan de ochtendschaduwkant. Zo leren we dat de bijstand hier $600 per maand bedraagt, dat je staat- en bedrijfspensioen opbouwt en 2 weken vakantie per jaar hebt. Ook dat Canada zich in beginsel openstelt voor wie uit de USA getrumpetterd wordt. Zelf is hij Tahitiaan met Canadees residence permit.

Beestjes en plantjes: de vliegende mannetjesmieren doen hun best!

Wat viel op: zwervers…. daklozen.. 

een enkele bedelaar. Iedereen snapt wat ik bedoel als ze over Trump beginnen en ik het begrip ‘I am not involved in  Trumpetter’ er in gooi om er van af te wezen.

170727 Montreal down under

Na een plesant lange en ongestoorde nachtrust gaan we de metro expertise uitproberen, om zo vanuit Namur met de oranje lijn zonder probleem op Bonaventure uit te stappen. 

Via kale betonnen gangen richting Centre Ville komen we op de Av. Des Canadiens op straat  bij een paar mooie gebouwen; 

eerst bij wat we het kasteel van Champlain gedoopt hebben, toen bij de tamelijk sobere anglicaanse kerk  St. George 

en bij Place Canada bij de op macht en praal gerichte kathedraal Mari Reine du Monde (waxinelichtje aansteken:$5). 

Allemaal best aardig, maar meer dan dat is er niet te bewonderen buiten lelijke hoogbouw.
We concluderen al ondergronds dat we elke richting kwijtraken daar en laten ons bij het Info centrum voorlichten, bij het Square Dorchester. 

Een rondleiding is te duur en duurt te lang. We leren hoe de entreepunten en wegwijzers van down under herkend kunnen worden en lopen even later de Carrefour, Place Montreal, Centre Eaton en Lisette(?) ondergrondse ‘malls’, 

want dat zijn het, met aan de zijkanten kantoren die ver bovengronds uitsteken. Het is op de -1 verdiepingen één grote verzameling eettenten en shops met van alles. Op de -2 zijn het hoofdzakelijk shops en op -3 eettenten. We doen wat inkoopjes en versturen het deels meteen weer weg ook. Het blijft qua route-aanduidingen niet altijd duidelijk en wordt gauw eentonig.

We gaan lekker buiten zitten in het zonnetje bij een pizzatent met prachtige serveerstertjes. De veau met gorgonzola valt niet tegen en de icetea zonder ijs is erg lekker. Toch valt het wat later niet helemaal lekker. Inmiddels lopen we noordwaarts richting de universiteit en wippen de Cathedrale Christ Church in.

 Dan duiken we bij McGill de metro in en via de groene lijn, en een worteltje gebietst te hebben, stappen we over op de oranje lijn naar Namur. We hadden vannacht regen, verder vandaag prima weer. Een stel in Maleisie wonende Duitsers die in Vancouver via relaties een camper kochten en in Halifax weer overdoen, komen even langs om te babbelen en zich te informeren waar overnacht mag worden met de camper.  Om 20u barst een bui los en zit iedereen weer binnen.

Montreal bestaat 375 jaar, maar daar treffen we hier weinig van aan. Morgen beter.

Wat valt op: Er is hier down under een flinke supermarkt Olly die uitsluitend afhaalfood verkoopt, zonder tafel en zitruimte te bieden; het is er gierend druk en zelfs moeders met kleine kinderen halen er hun maaltje in een box. 

Iedereen heeft haast, geen aandacht voor elkaar, reageren niet danwel schrikachtig als je iets wilt vragen, spelletjes spelende jongeren staan niet op voor ouderen. Er zijn wat zwervers, wat we niet eerder zagen.  

Krijg je pech op de weg dan kan het zijn dat de politie de weg er om heen met flares afzet.

170726 Trois Rivieres en Montreal

Na vroeg ochtend gefröbel met wenskaarten en een flinke afwas schiet Mar een moeder te hulp die schielijk haar kotsende kinderen op ons plekkie uit de auto haalt en de boel wat hanteerbaarder maakt. Daarna karren we naar Montreal via een korte stop bij Trois Rivieres, een flinke stad met matig aardig centrum en één highlightje: de Rue de Ursulines aan de Lawrence Bay/River. In 1697 ontscheepten hier een handvol nonnen die het weeskinderonderwijs op hun eigen wijze gingen schoeien na eerst een klooster neergezet te hebben (hoe? Vertelt niemand). Nb. En dan te denken aan de Hurons, waar het niet in te denken was/is weeskinderen niet op te nemen, ondanks afkomst en situatie.

 Het eerst eenvoudige klooster werd gaandeweg uitgebreid en voorzien van een centraal torengebouw.

 De huizen in deze straat zijn verder fraai maar niet heel bijzonder, ondanks de lovende taal in mijn routeboek …

Verder dus,naar Montreal Noord West, na een TimHortensetje gedaan te hebben en het riviertje ‘Bayonne’ te zijn gepasseerd. 

Hier ligt het Oratoir St.Joseph du Mont Royal. Rond 1900 was hier een katholieke priester die André heette en als patroonheilige Jozef aanbad en een flinke aanhang zo enthousiast kreeg dat er eerst een bescheiden kapel en vanaf 1936 een giga gebouw werd neergezet; uiteraard op de hoogst denkbare plek (op 683m boven zeenivo ligt het hoogste buitenplateau). 

Niet hierom maar omdat hij ook wonderen verrichte ( die hijzelf aan Jozef toeschreef) is hij ruim na zijn dood heilig verklaard op basis van 30 getuigen. De plaats is een pelgrims- en bedevaartsoord waar zelfs mensen op hun knieen naar toe en de trappen op kruipen. Binnen hangen á la Lourdes handenvol krukken strategisch opgehangen. Zelfs is naar goed gebruik het hart van broeder Andre in een schrijn te bewonderen.

Er zijn twee kerken binnen op verschillende etages. Eén daarvan doet aan lopende band missen met een handvol priesters per mis.

Alles kost er (te veel) geld, toegang $5 (per auto), een brochure 2$, bidprentjes $4-$6 en een waxinelichtje aansteken kost je 6$, los van wat de grote voorganger van farizeeers dacht.

 De shuttle en de missen zijn gratis, dat wel.

 Wifi is er niet. Het gebouw overziet de verre omgeving, torent boven alles uit, en is overal geschilderd, hangend en staand voorzien van kunst en ademt zo macht en praal uit aan alle kanten en aspecten; aan geld ter meerdere glorie en onderhoud is geen gebrek tot op heden. Er rijdt een shuttle vanaf de parking naar de hoog gelegen entree en er is binnen voorzien in liften en roltrappen. Aan het eind van de korte statieweg, buiten, bestaande uit grote witte (marmeren?) beeldhouwwerken staat het gouden kalf bij een waterpartij, ondanks wat Mozes daarvan vond. 

We taaien af naar de Walmart, die strategisch bij de metro ligt en die we komende dagen zullen gaan gebruiken om de old up en de new under town te gaan bekijken. In de avond orienteren we ons op het metronet en schaffen alvast de maartjes aan, 3$pp/prit. Wat rondlopend komen we bij de grote rode golfbal, die we vanuit het Oratoire al zagen. Het blijkt een snacktent op een plein met prive autoverkoop; de fraaiste bakken staan er zoals Camaro, Buick, Chevrolet en zelfs een Lotus (foto’s volgen). Nu zien we hier vandaan het Oratoire liggen, hoog verheven. Eenmaal teruglopend vallen ons overal de borden op met ‘..remorgage a vos frais’… Van de Walmart-clientservice mogen we op één bepaald deel blijven staan; daar zijn die borden niet aanwezig zagen we al eerder.

Wat valt ons op: grote stukken snelweg zijn prima, verder zijn de wegen weer knudde. Onderweg zagen we een autoambulance die nog langer is dan de super kniester van een deels uitgebrande camper die hij oplaadde en moest ‘towen’.

Plantjes en beestjes: een dood vosje onderweg. Eekhoorns bij het Oratoir. De vlaktes worden groter in aantal en omvang en bevatten meer akkerbouw.  Vaak zijn er geen berken/naaldhout bossen te zien (daardoor?). Eiken/gemengd komt ook meer voor. Riet en Lisdodde zijn minder te zien, Andoorn des te meer. Waarschuwingen voor herten en elanden te over, maar zien….ho maar.

170725 

We tuffen na een vochtige avond en nacht met droog weer en opkomend zonnetje 35km naar Chute Montmorency. Die waterval is hoger dan de Niagara. 

Eerst goed insmeren, dan met de kabelbaan omhoog en dan het plankier bewandelen met wat trappetjes en met uitzicht op de plonser en op een kale steile wand er naast waar je via veel houten trappen helemaal omlaag naar de stuivende voet van de waterval kan afdalen.

 Oppassen voor Poison Ivy; die we niet zien, maar we zijn gewaarschuwd. Aan het eind van het plankier is een aankomstpunt voor zippers (tokkelbaan) die aan de overkant opstappen. Daar begint ook de houten brug over de waterval met uitzicht alom (linksboven), welke niet echt bijzonder is van bovenaf. Een bospad loopt verder naar de metalen brug (midden boven)  over de volgende kloof en naar eerder genoemde kale wand en trappenhuis (rechts). Wij lopen terug en kabelen omlaag.

Op naar Wendale, een Huron first nation reserve op 23km, waar de straten naar Huron opperhoofden zijn vernoemd. 

Sinds Haute Falls is onze aandacht niet meer gevestigd op de firsts, dus dat wordt tijd. Klopt ook wel want in het oosten van Canada zit maar een paar procent first nations. De grotere aantallen vind je in Manitoba, Sasatchewan, Yukon (elk 13%) en vooral (63%) het noord-westen (Inuits).  We zien een verspreidings en aantallen overzicht en het bijbehorende verhaal stemt voor de Hurons best droevig. Niet omdat ze geen vriendjes waren met de westelijker Allonguins of andere stammen zoals Montaignants, Malaceet of Mi’kmaqs . Wel omdat 90% door westerse ziektes (m.n. waterpokken)  is uitgeroeid en het restantje onvrijwilig noordelijk naar het ’s winters niet uit te houden Quebec is gegaan en daar zo is gemengd dat de 100% zuivere trotse Huron eigenlijk niet meer bestaat. Niettemin zijn het hier trotse Huron(?n)en, met eigen taalelementen want een taal is er niet meer, etc.  En met een eigen historic site, en daar zijn we. 

Een onderhoudende dame vertelt allerlei: Huiden werden met de haarkant op de huid gedragen, bever, beer e.a..  Van beverhuid werden ook hoeden gemaakt. Een rug- of voorpand heeft één huid nodig. Zomers Kariboe want dat is verkoelend. Ze woonden, rond 1850…, in longhouses (verg. Indonesie!), die opgedeeld zijn door de staanders in hokken en door liggers in verdiepingen, verwarmd door meerdere vuren. Bij de buiten’deur’ hangt een geestenverdrijver. 

 Per clan (=familieverband) huizen ze zo bij  elkaar en per gezin hokken ze in een ‘hok’ en de opslag van dat gezin gebeurt op de verdiepingen met houtbloken op de vloerverdieping. Een meisje mag het wonen bij een uitverkoren jongen een tijdje uitproberen en dat wordt gevierd met een feest waarbij dat meisje veel kadooties krijgt, die ze mag houden, hoe dan ook… Bij ziektes wordt met de Sjamaan en iedereen zoveel mogelijk lawaai gemaakt zodat de Grote Geest attent raakt en te hulp schiet. Vreemden zijn welkom en vor hun wordt een welkomstdans uitgevoerd.

Kano’s worden met berkenschors bekleed, gespannen en waterdicht gemaakt.

 Kleine tipi’s worden als rookhut gebruikt. Kleine wigwams van huiden dienden als zweethut 

waarna afkoeling plaatsvindt door zich in de sneeuw te rollen: erg huidzuiverend (vergl. Scandiavië, sauna). Hun hondenrassen waren zinloos in de sneeuw, dus werd alles met hoofdbanden getrokken en gedragen wat weer heel sterke nekspieren oplevert. Hoofdtooien etc. werden niet van roofpietveren gemaakt, want die komen zo noordelijk niet voor; inheemse Kalkoenen wel. Wild vangen, pijnigen of doden is niet toegestaan; geldt ook voor planten, tenzij noodzakelijkerwijs. Gebruik van water, toen, was voor de Fransen ziekteverwekkend en dus ietwat af te raden; die dronken goedkope Engelse rum en soms wijn. Veel artifacten uit die tijd worden door slechte Hurons voor flink wat geld verkocht aan wie dan ook. Daarom geven de goeden hun spul aan het museum, bijv. In Quebec waar wij het voorbij liepen, met spijt achteraf… 

Balen dat we niet eerder horen dat de indiaanse maaltijden alleen in lunchtijd worden aangeboden. We hadden makkelijk de rondleiding een uurtje later kunnen en willen doen. Bummer! Dus taaien we af naar zuidelijker sferen. Onderweg zien we de eerste ranch met  hoekige poort en corals. Vlak voor Trois Rivieres zoeken we een plekje. Prima plek, horren dicht.

Beestjes en plantjes: Poison Ivy, Andoorns (of kattenstaart). Gisteren een dode Wasbeer en een gestreepte Eekhoorn. Muggen net als thuis.

170724 Quebec old up en down City

We zetten de wekker om bijtijds naar Quebec city te kunnen en die gaat braaf op tijd af. Een uurtje later zien we dat het 07.30u is…. en blijkt de wekker nog niet op Quebec tijd te staan….oh oh oh….Oma… We gaan dus heel erg op tijd weg en zullen 10u arriveren in Levis dat tegenover Quebec city is gelegen en een ferry verbinding deelt. Het is ruim 180km over matige  en soms aardige wegen door een vaak vlak landschap. Het is niet zonnig en er waait een stevige kille wind. 

In Levis zoeken we met wat moeite vanwege omleidingen bij het ferryterrein een parkeerplek waarbij een bewaker brult dat die er niet zijn vanwege de opbouw van een evenement. Toch komen we bij de parking van de ferry, waar we voor $8 12u mogen staan en dat is tot 23u. De laatste boot gaat 02.20u, dus 23u terug moet kunnen. Zonodig kunnen we er $8 bijgooien en er overnachten. De bedoeling is deze en de twee volgende dagen in Quebec door te brengen.

De ferry kost per tocht pp. $3 en het wachten op de afvaart duurt langer dan de overtocht. Het uitzicht op het kasteel de Fontenac en omgeving is fraai. 

We spreken wat locals die aangeven de old downtown het aantrekkelijkst te vinden en ze raden ons aan daarna de kabelbaan naar boven naar de uptown te nemen.

Bij aankomst vinden we het koffietijd en duiken we de eerste de beste (leuke) tent in, wat ons tegelijk prima wifi brengt zodat in notime zowel dropbox als wordpress op orde is. Dan zwerven we het aantrekkelijke old downtown in. 

Meerdere straatmuzikanten, veel winkeltjes, terrasjes en restaurantjes maar vooral leuke straatjes en pleintjes 

met idem bebouwing, zoals de oudste winkelstraat van Canada, de Rue de Petit Champlain.  Boeiend!

Dan nemen we de kabelbaan naar boven, wat zo’n 70m (?)  klimmen scheelt. Daar is de old upper town, waar het kasteel 

boven alles uittorent, daarbij gewedijverd door een handvol andere gebouwen, zoals de eerste Anglicaanse Cathedraal hier. 

Langs de Saint Lawrence Bay is hier een hoge muur met boven een brede plankieren wandelboulevard langs het kasteel met een paar winkeltjes en oude kanonnen replica ‘s, met aan de zuidkant er van de Citadel met militaire basis en aan de noordkant het Place d’Armes, een klein groen pleintje met Vis. Center en genoemde kathedraal.  

Diverse straten doorbanjerend, Inuit en andere shops bekijkend en een miniparkje in en uit wandelend komen we  bij de enige ingang van genoemde Citadel, die van het hoogste punt alles bewaakt en waar een belangrijke slag is geleverd op de velden van Abraham, die vast door iemand is gewonnen. Je mag daar toegang betalen om onder begeleiding weinig te zien in de Citadel. Dus nemen we het pad er langs, vanwaar we delen van de citadel inkijken en soldaatjes in kostuum zien, om zuidelijk een stuk lager weer op de boulevard terecht te komen. Daarmee hebben we bijna alles gezien, en dat in één middag. 

Dan zakken we nog een verdieping van up naar down via enigszins steile weggetjes en trappen. We zoeken het smalste Canadese straatje nog op, de Sous le Cap.: Leuk smal nu doodlopend straatje met aan de ene kant hoge rotsen en aan de andere kant houten huizen met houten trappen naar nog hogere huizen waarvan een klein deel is afgebrand. 


Dan slenteren we terug richting Champlain. Tijd voor late lunch en vroeg prédiner met wijn en gebraden eend. Hier  hebben we nu wel alles gezien. Morgen zien we verder. We rijden een stuk richting Quebec west en gaan op een supermarkt parking staan. Mogen we blijven…?…   Het blijkt een ongestoorde nacht te worden!

Walt valt ons op: we halen vandaag wel 2x een vrachtwagen in!

Beestjes en plantjes: Onderweg drie Epaulet spreeuwen/merels (oid). Een paar duiven en wat huismussen up en down.

170723 Riviere du Loup St Lawrence Bay

Simpel dagje vandaag. Stukje lopen langs het inlandse wad naar de haven op 1km. Daar halen we de kaartjes op voor de whale tour in de St. Lawrence Bay (St. Laurent Bay). We lopen nog even langs de haven, het is eb en de boten en de drijvende steigers liggen zo goed als op de grond.

 Er komen drie gele (school)bussen vol met frans sprekende aziaten aan die keurig op een rij gaan staan bij een bord waar wij ook heen zouden moeten om de boot op te kunnen gaan. Eerst denken we dat het een ferry is, maar de boot die er net aan komt en busladingen whalelookers uitspuugt, maakt ons wijzer. Terloops lopen we naar de wachtende buschauffeurs voor een babbel en om meteen riant verderop vooraan bij de boot te kunnen gaan staan. Met wat tegenzin wordt onze list geaccepteerd door de whaleuitkijk/kaartencontroleur en gaan we als eersten de boot op naar het beste plekje op het beste dek, volgens de bootsman.

Beestjes en plantjes: Al na een half uurtje laten zich witte vlekken zien, telkens twee naast elkaar en net even boven water. Beluga’s (4m ong.) dus! 

Alles bij elkaar zullen we er zo’n tien á  vijftien zo zien. Een stuk later ziet de whaleuitkijk een Petit Rorqual oftewel Minke Whale, wij niet. Diverse Gray Seals worden gezien. Pas net op de terugweg, een koud en winderig uur later ondanks de zon, worden een vijftal Minke Whales (8m) gezien, sommigen draaien op hun kant zodat je niet alleen de zwarte rug en rugvin ziet maar ook de witte buik en zij. In het water is goedde waterverplaatsing te zien, waar ze net onder zitten te eten oid.

 Een paar Bélugas’s sluiten af, daar vlak bij de haven.

Verder: lelietjes der dalen in bloem. ‘Song Sparrow’ (?) met op de kop overlangse gele strepen. Aalscholvers, jan van genten, alk, zwarte zeekoeten, meeuwen.
Van de boot afkomend zien we in de haven de boten en steigers een stuk hoger liggen, het is vloed

 en we gaan seafood chowder eten bij het kleine café bij de haven, eigenlijk restaurantje, met de grote indianenkop voor de deur die niet nader wordt verklaard.

Goed en wel gedouched klopt iemand op de deur. Het is Jerry die ons kenteken ziet en geinteresseerd is in dat stelletje. Dat gebeurt vaker, maar deze Jerry reageert verheugd als hij hoort dat we ook naar St. Jacobs gaan, het mennonieten- en quakersgebied in Canada onder Montreal. Hij is zelf een mennoniet en komt iets later met zijn vrouw  Carol aanwippen, als we net zitten te eten, om ons hun adres te geven. We moeten vooral langskomen, want ze zijn thuis als wij daar 1 augustus aankomen voor 3 dagen.

Wat valt ons op: bij de super kniester staat ook nog eens een porsche, die in het aanhangertje past. 

Naast ons staat een aanhangertje waarin twee mensen (zouden moeten?) passen…. 

Wat een wereld..
Internet/wifi is abominable hier. In Quebec city veel beter 😃

Douche ook : niet warm te krijgen en een z…straaltje.