170821 en 22 Shenandoah, een aparte dag naar en op Big Meadows

Uiteraard waren we tegen 6u up en running. Eerst rijden, kalm vaartje in z’n 3, goed kijken. We gaan naar een parking een paar mile zuidwaarts waar het bos open oogt, diep en minder steil. De ondergrond is vochtig, het pad smal en de begroeiing tamelijk dicht. Na een tijdje ligt er midden op het pad een zwartige brei met pitjes of zo.

 Berendrek? Na weer zo’n stukje nog zo’n vlaflip. We zijn stilletjes aan het doorlopen als we gekraak horen, en flink ook. Telkens is het even stil, en dan kraakt er iets en soms stevig. Door de begroeiing zien we op zo’n 20 á 30m het groen van een boom stevig schudden. Meer zullen we niet zien of te weten komen. We staan een tijdje ingespannen te luisteren en te turen.

We rijden weer verder, maken hier en daar wat bloem en boomfoto’s en het is nog heel rustig op de weg als we links voor ons in de berm naast een ietwat lage helling een zwart ding zien, dat zich wat strekt tot een jonge Zwarte Beer, ons aankijkt en zich razendsnel omdraait en in de begroeing verdwijnt. Een pup? Of 1 jarig en net zelfstandig? Hoe dan ook: weer een mijlpaal die bereikt is! Joepiee! We zetten de bak iets verder neer en lopen terug en heen, zonder resultaat.

Weer op de weg is het overal zo druk als zonnig zandvoort en elke parking is mudvol. Wandelen om iets te zien is zinloos, dus karren we kalmpjes door tot bij onze bestemming, Big Meadows campground, waar het net zo druk is. Dit is een grote lokatie met van alles. Had ik dat geweten, dan had ik de camping van overmorgen kunnen skippen.

 Vanmiddag is hier de onvolledige eclips te zien, en dat wisten we al een tijdje. Gisteren zagen we op een overlook twee japanse amerikanen met een eclipsbrilletje oefenen en ik vroeg of ze er twee over hadden, voor de grap. Tot onze verbazing haalden ze er nog twee uit de verpakking en die kregen we zo mee. Iets weggeven is hier cult (fruit, droog vlees, brilletjes)!? Mar gaat het in de namiddag ook doen met onze ‘dc’-restjes (map en cards) aan Larry en Amy uit San Diego.

Eerst koffie, en Mar weet waar. Inderdaad is er bij ‘Food’ ook een restaurantje met een ietwat hoger nivo dan de gebruikelijke vieze broodburgers. Koffie en hot choco plus refill en peanut butter cake maken ons weer mens, na twee rare nachten. De souvenirshop bevat weinig boeiends en daarna kuieren we naar het rangerstation. Daar babbelen we wat over de overal voorkomende fluweelboom die hier Staghorn Sumac heet, over een plantje met mooie bessen dat Bear Berries heet, over de twee uilen die we eerder gehoord hebben en waarvan ze hier opgezette exemplaren hebben, over ‘onze’  vlinders die Swallowtail nog wat heten, en we lopen de tentoonstelling door die de  aanleg van park en weg beschrijven. Het blijkt een staaltje bluf dat leidde tot het nat. park. En het had hulp van ‘de boys’ nodig om een goede weg te worden.  Nb. Deze groep ‘boys’ is in de tijd van grote armoe opgezet uit huis/broodloze knapen zonder toekomst. Ze werkten aan de wegeninfra overdag en leerden ’s avonds bij. Zo waren ze experts geworden in het verankeren van steile ondergronden en nog veel meer.

Vervolgens tuffen we naar de camping waar Mar hoort dat ze geacht wordt op te letten op racoons, skunks en beren die alles open en kapot maken waar ze maar voedsel ruiken of verwachten. Het zijn experts in het kraken van koelboxen en autoportieren geworden.

Eenmaal geinstalleerd houden we met de brilletjes de zon, of eigenlijk de maan in de gaten. Dit doende zie ik plots op een paar meter twee hindes langs kuieren in ons ‘tuintje’. Wie is hier de gast?! We wisselen nu de aandacht voor de maan en pogingen die te fotograferen, af met die voor de twee herten die er in eens 4 blijken te zijn.

 Op een onzichtbaar signaal van de hertenmevrouw schieten in eens twee nog gevlekte jongen razendsnel te voorschijn die op haar af en gulzig naar haar tepels duiken. 4 hertjes dus, die hier rondjes lopen en het gras en wat boomtakken kort houden in hun domein.

Onderweg: Beer, Goudvink, Raven, Eekhoorns, bomen en plantjes. Hier 4 hertjes.

Wat viel op: ’s avonds tegen donker tot de ochtendschemering is het één groot cicadeconcert, net als in de overige bossen waar we waren overigens.

170822 Opnieuw vroeg op. Rond de wagen loopt onze hertenfamilie al. Zo vroeg durven we schuldbewust een klein stukje tegen de rijrichting in te rijden… en meteen volop in de remmen, want daar is mamma Black Bear met twee jonkies rond aan het lopen. Ze schrok wat en ging rustig richting bossen. 

We konden nog net een paar plaatjes, onscherp, schieten. Joepiee!

De eerste miles zien we het ene na het andere hert, ook mannen met gewei. Daarna wordt het rustig, ook tijdens onze hikes. Mar ziet er een Monarch, zie onder. Een dode ratelslang langs de weg trekt onze interesse.

 Het bos waarin we lopen heeft meer Berk en Esdoorn, naast Eik etc. Wat verse berenvlaflip doet aan beren denken, maar we zijn alweer enige tijd niet de enige wandelaars. 

Bij de wagen zitten tal van vlinders, mogelijk zelfs de Monarch. Deze is wereldrecordhouder bij de trekvlinders en elke volgende generatie trekt naar de andere kant van Amerika. Ze zijn dus nooit meegeweest met de vorige. Deze toch niet, blijkt achteraf; wel  een mooie. 

Zie foto’s en films, want hoewel het op zich al knap is dat hier op de rangerpost wifi is, is de wifi uiterst labiel. Vandaar dat ik dit proza nu alvast publiceer. Met de rangers nemen we de nodige flora door. Wat wij als Eenbes zagen, moet een Trilium variant zijn. De Bremraap bij de paddestoelen is een Bear Corn. 

Black Eyed Suzanne, Golden Rod, Allium, ze nemen alles door wat ons boeit en laten ons wat mappen doorsnuffelen.

Vanmiddag gaan we lanterfanten en opladen bij de douches. Vanavond lopen we mogelijk nog een stuk door de Meadow.

Het lanterfanten wordt een middagdutje, terwijl Mar een Rivierpad identificeert, die zich de hoek van de picnictafel had toebedeeld.

 Dan wordt het wat winderiger en bewolkter, dus taaien we af naar de Meadow. Dit is een groot open stuk tussen de bossen en de campground, waar in 1930 een complete divisie van de ‘boys’ door de CCC is gelegerd. 

Nu is het een floristisch boeiend terrein waar we persé nog willen rondkuieren. We lopen naar het pad rechts van dit gebied, en maken onderwijl een foto van een beerstronk. 

Zodra we aan de rand staan, turen we met de  kijker rond en stuiten op een aantal herten en daarna op een bewegende zwarte dot tussen het groen aan de andere kant van de ‘wei’, een Zwarte Beer. Deze man gaat ons een avondvullend programma met hoogtepunten bieden, blijkt. Aan de nog grote oren te zien is hij nog niet volgroeid, maar hij is flink!

We houden Yogi in de smiezen.

Hij scharrelt heel rustig heen en dan weer weer, tussen het meterhoge groen met allerlei hoogte en diepteverschillen. Dan is hij weer weg en dan is hij er weer ergens. Heel rustig komt hij diagonaal steeds dichterbij, en wordt steeds duidelijker. Wij lopen op een weg rechts er naast en zoeken de schaduw daar op, ook om niet op te vallen. Telkens schuiven wij op waar hij dat ook doet, en treden wat terug als hij dichterbij komt. Een havik vliegt langs, net als wat Zwaluwen. Monarchvlinders zijn nerveus en niet goed te fotograferen. Als ik daar voor een stuk de bush in ga, zie ik de beer toch wel erg goed, en dus (te) dichtbij…

Dan komen rechts van ons een aantal hindes met jongen te voorschijn, aarzelend maar toch de weg op 

en over de begroeiing in waar ook de beer ergens is. De moeder springt vooruit en richt zich hoog op, strak naar de beer kijkend. Een jong is vlak achter haar. Een ander niet, die dwaalt aan de andere kant van de beer ons voorbij en de bush in. Allen staan stokstijf stil, ook de beer. In een split second echter is die in volle snelheid op jacht naar het eerste jong; je hoort hem stampen bij het sprinten. Dan richt hij zich recht overeind en kijkt naar het tweede jong, en in het verlengde daarvan naar ons.

 Daarna is hij in de groene begroeiing verdwenen. De herten zijn uiterst alert. Hij blijkt weer te scharrelen in dezelfde richting als eerst, steeds dichterbij dus. We bewegen met hem mee, en zien hem bij de wegrand komen, er over heen lopen (zie filmpje), terwijl hij ons goed in de smiezen houdt. Hij volgt exact de route waaruit de herten kwamen, en springt alsof hij niets weegt in een paar hoppen daar het bos in. 

We lopen terug, omdat hij niet traceerbaar is, en duidelijke jachtneigingen vertoont, en waarschuwen een aantal aankomende wandelaars met kinderen.  Een stuk verder steekt hij weer terug over en banjert naar waar hij het eerst die avond kuierde. Onze hele terugweg kunnen we hem volgen. 

Nu nog wat foto’s van Black Eyed Suzanne nemen. De wifi bij de rangers blijkt goed, ook buiten en dankbaar stuur ik alles inet op en dropbox in. Zie daar dus. Het is aan het donkeren als we terugrijden; de hertenfamilie heet ons thuiswelkom. Morgen nog weer 50 mike Shenandoah, maar stuk kan dit bezoek niet meer! Bear rum voor Mar en Birch Beer voor mij!