180814 15 16 Valdez LuLuBelle Tok Haines jct Whitehorse

180814. Het regent en de wekker maant ons om 8am om op te staan en nog voor het ontbijt naar de haven te rijden op 1/2 mijl afstand. Om 10.15am maken we ons klaar, laarzen aan, regenbroek mee, warme broek aan, dikke sokken etc want we zijn ook nog eens voor 7°C kou en flinke wind gewaarschuwd. De LuLuBelle opent haar kajuitdeuren en we schepen in.

De kapitein begroet ons persoonlijk en begint meteen met zijn niet aflatende rustige in toonhoogte golvende stem te vertellen hoe alles werkt, en houdt niet meer op met zo te praten tot we uitschepen, soms boeiend en vaak blabla. Twee jongedames doen de rest van de services als snackbar-, uitkijk- en matrozenwerksters.

Het is eb en pal uit de haven zwemmen er een 10tal druk bewegende kleine iele Phalarops (Grauwe Franjepoot) rond. Nieuwe en zeer gewenste soort, Joeperdehiee! Verder opmerkelijk genoeg weinig Meeuwen en geen Zeeotters. We varen o.m. langs de olieterminal die het eindpunt en dus 13e station van de Alaska pipeline is, de zalm hatchery (zalm vermeerderingsstation) die miljoenen zalmeieren verzamelt en doet groeien en langs de containerschiphaven naar het zuidoosten tot Glacier Island. Een eind gevorderd in het kanaal of fjord ligt wel een stel Zeeotters te draaien en te rugdrijven en -zwemmen.

Opmerkelijk zijn de scherpe inhammen in de steile kale onderkanten van de bergwanden waar we op afvaren, een gevolg van gletsjerslijtage. In deze ‘grotten’ willen zich heel graag Puffins verschuilen, waar we een enkel exemplaar van zien vliegen zowel met minder kleurige snavel en witte buik (Tuffed Puffin) als met zwarte onderkant (Horned Puffin). In de eerste spelonk zien wij er geen, anderen wel. In een volgende zitten er wel een stelletje witbuiken hoog en droog in het donker op een richel, maar niet acceptabel fotografeerbaar of in de kijker te krijgen, de boot ligt nogal te bewegen met zijn neus in de spelonk.

Een enkele Cormorant en wat Quillemots (Zwarte Zeekoet) en Kittiwakes (3Teenmeeuw) zwerven over en in het water.

Daarna nemen we een scherpe draai rechtsom waar een kolonie Steller Sealions van ruim 200 stuks verrassend ‘opduikt’. Eén van hen heeft een dramatisch grote open wond op zijn rug, kennismaking met de White Shark die hier klaarblijk ook voorkomt.

Ook daarna komt telkens een plat stuk kust in het blikveld met veel Zeeleeuwen. Het schijnt slecht te gaan met hen, groepen er van blijken ineens te verdwijnen zonder duidelijke reden. Ze verkassen niet, maar zijn ineens weg….

We komen feitelijk maar nauwelijks echt op de grote Pr.William Sound binnenzee die we slechts een klein stukje binnenvaren op weg naar het bij de toe- en ingang er van liggende Glacier Island. Weinig groot open water dus weinig kans op whales en slechts een enkele keer een actieve groep meeuwen boven water, bijv. bij een op zalm- of haring jagende zeeleeuw of otter.

Daarna draaien we en varen we pal noord naar de Colombia Glacier die naast 50 anderen van het enorme Icefield rond Valdez en Whittier afkomt. Dit is een belevenis op zich, eerst zie je af en toe een ijsschotsje. Steeds meer bizarre vormen ijsschots en -bergjes en -bergen vertonen zich.

De boot vaart door deze schotsenbrei tot 800m van de in het water stekende brede hoge tong van de lange en brede Colombia gletsjer, die hier 800ft (240m) hoog is vanaf de zeeboden en 200ft (60m) steil en recht boven water steekt.

Tweemaal horen we een knal of gekraak en eenmaal breekt een stuk af die we sissend het water in horen (helaas, niet zien) gaan. De boot vaart stapvoets bijna een uur door de helder blauwe en/of witte en/of grijze en/of zwarte schotsenbrei en duwt terloops een grote klomp ijs voor zich uit.

Waar het water weer praktisch ijsvrij is, zitten op en bij een kleinere ijsschots Zeeotters. Eerste keer dat we ze buiten water zien!

Terugvarend valt gesplash op aan het begin van de Sound en de kapitein meldt dat het Dall’s Purpoises zijn die bij, langs en onder de boot zullen komen spelen. Inderdaad, het schouwspel van deze razendsnel onder water langsscheurende dieren is, hoewel nauwelijks scherp te volgen of te filmen, schitterend om te zien. Ze zien er uit als mini-Orka’s.

Nieuwe soort, onverwacht maar toch gekregen! Geweldig.

De kapitein vertelt (ook) dat waar een grote mast in het water staat de Exxon Valdez is vergaan (1970? oid), en wat voor gevolgen het had dat niemand iets kon doen of wist wat te doen. Dit heeft er in geresulteerd dat een heel stelsel aan maatregels effectief is geworden, bijv staat 4x27u een joekel C130 met bemanning klaar met volledige nooduitrusting die overal in zee gedumpt kan worden voor direkte aktie, en dat per dag slechts 2 nieuwe dubbelwandige schepen met gehalveerde inhoud zijn toegestaan, die 360° rondom minimaal een mijl afstand van kust en elkaar in slechts één richting moeten houden met loods aan boord vanaf 20mijl van Valdez.

Hoewel de Orka’s en andere walvissen zich niet laten zien meren we uiterst tevreden aan na deze afscheidscruise, want nu gaat ons kompas echt huiswaards.

180815. We slapen een beetje een gat in de dag. Het regent en als het even bijna droog is tanken we water en zetten de electraspullen ter droging in de wagen. Rond 11am zetten we koers op de hwy4 om de 254mijl naar Tok te overbruggen. Het regent inmiddels weer. Na de eerste 30mijl wordt de weg ‘canadees’ oftewel vertoont alle denkbare ongemakken die je niet wilt op onvoorspelbare momenten. Dit duurt tot Copper Centre waarna dit wat verbetert. Daarna komen we, na in totaal 2u en 100mijl, bij het Wrangle vis.c. waar we het Ashtna Heritage Center nog moeten bezoeken. Inmiddels is het droog geworden. Eerst koffie uiteraard, dan de natives.

Het Ashtna center is een voorbeeld van hoe het moet. Goed opgezet en volledig en duidelijk voor zover mogelijk in hun beperkte ruimte. Al 1000 jaar geleden beschikte dit volk over koperen klompjes die verhit en gehamerd werden, over atlatl’s en over koperen pijl- en lanspunten. Minstens net zo lang werden en worden versieringen uit Dentalium shells (doet denken aan smalle Zwaardschede-schelpen maar het zijn Scaphopoda Tandschelpen)

en van Stekelvarkenpennen gemaakt.

Mn. wordt ook de Russische periode goed belicht met in 1794 en in 1848 openlijke conflicten waarbij de Russen het onderspit delfden (dolven?). Pas vanaf 1900 werden buitenstaanders getolereerd. Het woord ‘jacht’ wordt niet gebruikt maar ze ‘gaan naar buiten’. Cariboes worden in een meer of omheining gedreven, Elanden zijn eenlingen en houden zich graag op op gletsjers en ijsvelden om insecten te mijden. Met hun sneeuwschoenen zijn de jagers sneller dan de ploeterende Elanden. Sommige gletsjers en ijsvelden vormden handels- en jachtroutes die beter begaanbaar waren dan het hooggebergte. Een hongersnood in 1897 werd gekeerd door te voet op ruim 50mijl (80km) enkele reis Udzih (Cariboes) te gaan jagen. Een familie had per winter 2000 tot 3000 Ba’s nodig, gedroogde Sockey zalmen. De stamoudste bepaalt wanneer de vangst stopt en eerst verwerkt moet worden. Opmerkelijk is dat de zalmoogst al in mei/juni begint terwijl dat in Valdez juli/augustus is. De overeenkomsten (bijv. Nomadische seizoenvolgers, Raven als schepper, Potlatch=overlegceremonie, ‘Engii’ normen en waarden) en verschillen met de overige volkeren komen er zo goed uit te voorschijn. Opnieuw worden er details helder die we nog missen, zoals of en hoe en wat ze op de Icefields en gletsjers doen, wat vnl Cariboejacht blijkt te zijn. Ze kennen slechts twee familielijnen, tesamen 9 maternale clans, ze identificeren zich met dorpsnaam-clan-familienaam. Ook hoe ze met de zalm omgaan, die ze ook na het kuitschieten vangen en bewerken en uiteraard wat taalelementen, die Althabascaans georienteerd zijn. De term Atna staat voor Copper River en ‘Atna’Hwt’Aene Nene’ voor Copper River People Country.

Mar is ingepakt door een River Otter, die we Ashtna dopen:

Dan is het de hoogste tijd voor de lunch, Rockfish! Jammie! In Glennallen tanken we, duurder dan verkeerd gedacht… $3.79 ($3.63 in Valdez), met onze laatste contante $$. Dan draaien we bij de Tok junction de hwy1 op die uitstekend begint maar na 40mijl vervelend ‘canadees’ gedrag vertoont waarbij ook elk wiel een andere kant op wordt geslingerd, omhoog, omlaag, links en rechts en alles daar tussen in. Langzaam rijden voorkomt lancering, hoewel de kasteninhoud daar anders over denkt…..

Feitelijk rijden we nu langs en om Wrangle NP heen en even hebben we prachtig uitzicht op de ijsvelden en bergtoppen.

Doorlopend rijden we langs verdronken valleitjes en prachtige meertjes en poelen, een paar keer met Trompetzwanen.

De laatste 20mijl zijn weer goed. Bij Tok tanken we opnieuw ($3.52/g) en besluiten daar te blijven staan voor de nacht. Om 9pm horen we heel hoog tweetonig hoog gebabbel en ruim 200 Whitefronted Geese (Alaskaanse Kolganzen) vliegen zuidwaarts. Dat is behoorlijk vroeg, en nieuw voor ons op dit continent.

Plantjes: Eerder meenden we dat de Indian Patato plant een Milk Vetch (Wikke) is, maar in het vis.c. zagen we bij de plantafbeelding ook deze naam. Het is de eetbare Alpine Sweet Vetch, geen directe familie van de Wikke.

Wat opvalt: De pomphoudermijnheer is al bezig voorbereid te zijn op het ergste en dus zijn woning winterklaar te maken; het lijkt me de hoogste tijd zuidoostwaards te gaan als de locals dit gaan doen. Al eerder viel ons op dat er soms op hellingen of in bermen een gazonachtige begroeiing is. Bij de Sheep Mountain bij Palmer waren werklieden een paar dagen terug bezig met wandversteviging met open matten. Vandaag zien we duidelijker dat door deze matten heen gras groeit. De ondergrond wordt zo goed vastgehouden door deze combinatie en voorkomt landshift e.d. Vlak na de Thompson Pass stoppen we bij een plak sneeuwijs dat op het eerste gezicht heel regelmatig in 6kantige kolommen lijkt te zijn gebarsten, wat doet denken aan de Devils Tower. Nadere inspectie toont aan dat dit schijn is.

180616. Vandaag zijn we vroeg op weg , het is droog en bewolkt met soms de zon er door heen. Om 8.30u zijn we na 170km bij de Canadese grenspost, maar dan rijden we al bijna 30km in Yukon. Bij kmstand 78047 gingen we Alaska uit. Bye Bye Alaska, het was een genoegen, zeer de moeite waard!

Al met al hebben al heel wat km’tertjes achter de spatlap.

Er rest ons nog ruim 7700km naar Halifax….. In Beaver Creek ontbijten we om 8u, met een open wifi in de buurt, mooi om de blog een stukje bij te werken. We hebben het rondje Alaska af, op naar Haines Junction!

Wel vaak slechte wegstukken, ook net nog een stuk of 10 forse stukken opgebroken weg, modderig met grind en gravel zodat je niet pal achter een ander durft te rijden om je voorruit niet te barsten te zien gaan. Aan alle kanten spat het gesteente in de wielkasten en de wagen is een rammelbak waarvan elke schroef er uit wil.

Enfin, we zijn er voorbij en zetten de gang er in. Langs de wegranden ligt vaak een fraai tapijt van witte pluizen, Dryas, en het prachtig afstekende geel van de jonge Cotton Trees benadrukt dat de natuur de herfst inzet. Een enkele Ground Squirrel steekt over, een buizerdachtige vogel vliegt laag en zweverig alsof het een Kiekendief is en in het bermgras staat ineens een hoenderachtige vogel naar ons voorbijrazen te kijken, Grouse?

Op de heenweg zagen we hier ergens een opmerkelijke totempaal in een kunstwerk oid staan. We zien hem weer en gaan kijken.

Het blijkt een set graven te zijn van zuid Tutchones, o.m. van een Aishihik die de native naam Mbayata voert. Indrukwekkend.

Aan deze kant van Wrangle NP heet het in Canada Kluane NP waarvan een vis.c. ligt bij Destruction Lake waar we tanken voor $1,50/L= €1/L, duur en dat nog 7000km….! Het vis.c. ligt aan de meerkant van de bergen, Sheep Mt. Goed speurend blijken er vandaag wel Dall Sheep te zien, heel hoog heel ver, op 3 plekken samen 45 stuks. Zo veel zagen we nog nergens bij elkaar.

Mooie plek om op een mooie tijd, 14u, te lunchen (Rode Zalm!! Lekkah!) waarna we doortuffen naar Haines Junction voor de goede wifi en de overnachting hoewel we nog relatief vroeg zijn., 17u. Helaas, de telefoon wil geen verbinding maken, Google weigert ‘redirecting’. We besluiten nog tot 20u door te rijden en zetten de gang er in.

We rijden vandaag ruim 600km…. en komen in Whitehorse, bij de Walmart, die niet alles heeft vanwege cocurrentieproblemen. Eerst dus bij de Save on Food boodschappen doen, dan bij de Walmart staan voor de nacht.

180817. Het is koud vanochtend, 4° vannacht en 16° overdag vandaag, dus de verwarming weer aan en kijken in de Walmart of m’n wifi en dropbox willen werken want er is een probleempje met ‘redirecting’ via google zodat ik geen ‘log in page’ krijg bij de Free Wifi sites. Ook hier is dat zo, zowel bij Walmart als bij McDonalds die hier in huist bij de Walmart. Na wat geklooi en gemazzel krijg ik de verbinding aan de praat op de telefoon en tablet. Vandaag gaan we naar de vistrappen bij de fish hatchery kijken, en dan 450km of zo verderop.